This image is not available because of copyright

The Apoteosis of Hercules

Jan Kamphuijsen [rejected attribution], 1790 - 1791

Dit plafondstuk is gemaakt in opdracht van Josephus Augustus Brentano (1753-1821) voor zijn huis Herengracht 544 (zie ook SK-A-4141 en SK-A-4142 t/m SK-A-4150). Rechts wordt Hercules in een door twee paarden getrokken zegewagen naar de tronende Jupiter, met adelaar, en Juno, met pauw, gevoerd. Putti met lauwerkransen, een lier, toorts en palmtak begeleiden hem en de faam, met bazuin en lauwerkrans, gaat voor hem uit. In het gezelschap van Jupiter en Juno zijn Minerva (met helm) en Diana (met halve maan en pijl en boog) te herkennen. De jonge vrouw met de bokaal is waarschijnlijk Hebe, dochter van Jupiter en Juno en godin van de eeuwige jeugd. Na Hercules’ opneming op de Olympus trouwt hij haar. Venus, herkenbaar aan de witte duiven, wordt bekroond met een rozenkrans, vermoedelijk een verwijzing naar het aanstaande huwelijk. Het hondje dat over de rand kijkt is vrijwel zeker de geliefde poedel van Brentano, die ook is afgebeeld op het schouwstuk dat in deze zaal hing (Stichting Brentano’s Steun des Ouderdoms, Amstelveen).

  • Artwork typepainting, ceiling painting
  • Object numberSK-A-4140
  • Dimensionssupport: height 650 cm x width 470 cm
  • Physical characteristicsoil on canvas

Identification

  • Title(s)

    • Ceiling Painting with scenes from the Life of Hercules (former title)
    • The Apoteosis of Hercules
  • Object type

  • Object number

    SK-A-4140

  • Description

    Dit plafondstuk is gemaakt in opdracht van Josephus Augustus Brentano (1753-1821) voor zijn huis Herengracht 544 (zie ook SK-A-4141 en SK-A-4142 t/m SK-A-4150). Rechts wordt Hercules in een door twee paarden getrokken zegewagen naar de tronende Jupiter, met adelaar, en Juno, met pauw, gevoerd. Putti met lauwerkransen, een lier, toorts en palmtak begeleiden hem en de faam, met bazuin en lauwerkrans, gaat voor hem uit. In het gezelschap van Jupiter en Juno zijn Minerva (met helm) en Diana (met halve maan en pijl en boog) te herkennen. De jonge vrouw met de bokaal is waarschijnlijk Hebe, dochter van Jupiter en Juno en godin van de eeuwige jeugd. Na Hercules’ opneming op de Olympus trouwt hij haar. Venus, herkenbaar aan de witte duiven, wordt bekroond met een rozenkrans, vermoedelijk een verwijzing naar het aanstaande huwelijk. Het hondje dat over de rand kijkt is vrijwel zeker de geliefde poedel van Brentano, die ook is afgebeeld op het schouwstuk dat in deze zaal hing (Stichting Brentano’s Steun des Ouderdoms, Amstelveen).

  • Inscriptions / marks

    inscription and date, one of the corners: ‘Maderna ... 1791 [of 1790]’ Maderna ... 1791 [of 1790]


Creation

  • Creation

    • painter: Jan Kamphuijsen [rejected attribution]
    • painter: Giambattista Maderni
  • Dating

    1790 - 1791

  • Search further with


Material and technique

  • Physical description

    oil on canvas

  • Dimensions

    support: height 650 cm x width 470 cm


This work is about

  • Subject


Acquisition and rights

  • Acquisition

    purchase 1967

  • Copyright

  • Provenance

    Commissioned by Josephus Augustinus Brentano (1753-1821), for his house Herengracht 544, Amsterdam; from the dealer Nijstad, Lochem, fl. 4,800, with XX other objects from Herengracht 544 (SK-A-4141 and SK-A-4150), to the museum, 1967.

  • Remarks

    Please note that this provenance was formulated with a special focus on provenance research for the years 1933-45 and could therefore be incomplete. There may be more (mostly earlier) provenance information known in the museum. In case this item has an uncertain or incomplete provenance for the years 1933-45, the Rijksmuseum welcomes information and assistance in the investigation and clarification of the provenance of all works during that era.


Documentation

    • John Murray, Tour in Holland in the year MDCCCXIX, Londen 1824
    • R.W.A. Bionda, 'Een onbekend portret van de Amsterdamse kunstenaar Jacques Kuyper (1761-1808)', jaarboek Amstelodamum 82 (1990), p. 119-137
    • Barthold Georg Niebuhr, Nachgelassene Schriften B.G. Niebuhr's nichtphilologischen Inhalts, Hamburg 1842, p. 293

Related objects

  • Related


Persistent URL