Terminologie

In het Rijksmuseum krijgen kunst en geschiedenis betekenis voor een breed samengesteld, (inter)nationaal publiek. In publieksuitingen zoals tentoonstellingen, publicaties, de website en audiotours, wil het museum daarbij de taal van deze tijd gebruiken zonder de geschiedenis te kort te doen. Taal leeft, woorden die decennia geleden gangbaar en acceptabel waren, zijn dat nu niet meer.

Dat heeft ook zijn weerslag op de beschrijving van de collectie van het Rijksmuseum in het digitale registratiesysteem. Soms is er sprake van verouderd taalgebruik dat in een aantal gevallen ook als kwetsend wordt ervaren. En in sommige beschrijvingen klinkt een Eurocentrisch perspectief door, die de geschiedenis beschrijft vanuit een puur Westers standpunt.

Maatwerk

Sinds december 2015 houdt een werkgroep zich bezig met het kritisch beoordelen van de tot nu toe gebruikte terminologie. In eerste instantie worden termen bekeken waarmee huidskleur wordt aangeduid en verschillende etnografische benamingen. Zo gebruiken wij bijvoorbeeld niet meer de woorden neger, Hottentot, Bosjesman en Eskimo. Iedere aanpassing is maatwerk. In de werkgroep zijn verschillende afdelingen van het Rijksmuseum vertegenwoordigd en wordt regelmatig overlegd met conservatoren en informatiespecialisten. Er wordt ook samengewerkt met andere musea en advies ingewonnen bij belangenvertegenwoordigers. In alle gevallen bewaren wij de oude titels en beschrijvingen, zodat toekomstige generaties deze altijd terug kunnen lezen en kunnen zien hoe objecten in de loop der tijd werden beschreven.

Voorbeeld

Sommige objecten hebben in het verleden verschillende titels gehad. Zo gaf schilder Simon Maris aan een werk dat hij rond 1906 maakte zelf geen titel. Toen het in 1922 in de collectie van het Rijksmuseum werd ingeschreven, heette het ‘Indisch type’. In de jaren 70 van de 20ste eeuw kreeg het schilderij van de medewerkers een nieuwe titel, namelijk ‘Negerinnetje’. Die titel is in 2015 opnieuw gewijzigd. De voorkeurstitel van nu is: ‘Jonge vrouw met waaier’, met de voormalige titels ‘Indisch type’ en ‘Negerinnetje’. Zo heeft elke tijd zijn eigen taal, termen en titels.