Petronilla van Saksen (ca.1082–1144), hertogin van Saksen en gravin van Holland, is een fanatiek aanhanger van de Gregoriaanse Hervorming, die het doel heeft om alle kloosters onder direct gezag van de paus te plaatsen.

Ze hoopt zo te voorkomen dat de machtige bisschop van Utrecht de leiding over haar abdij in Egmond krijgt. Het verhaal gaat dat ze haar naam zelfs verandert van Geertruid naar Petronilla, als bewijs van haar trouw aan de paus. Het zou een verwijzing zijn naar de gelijknamige martelares, van wie werd aangenomen dat ze de dochter was van de apostel Petrus, de 'voorvader' van de pausen. Op het timpaan, waarvoor Van Saksen de opdracht geeft, is deze politieke en religieuze band heel duidelijk weergegeven. Zo is te zien hoe haar zoon Dirk en zijzelf bidden tot Petrus, afgebeeld als paus, en niet als apostel.