
Kolonialisme tentoongesteld
Van propaganda tot kritiek
Vanaf de opening in 1885 zijn in het Rijksmuseum voorwerpen die in Nederlandse koloniën zijn verzameld tentoongesteld als onderdeel van een nationalistisch verhaal. Bij de museumbezoeker werd een gevoel van trots over het Nederlandse kolonialisme opgewekt. Aan de betekenis en waarde die voorwerpen hebben voor gemeenschappen in bijvoorbeeld Indonesië, werd voorbij gegaan. Lange tijd werd zo een eenzijdig beeld van de Nederlandse koloniale geschiedenis gecreëerd. Aandacht voor de ontwrichtende gevolgen voor de individuen en volken in Azië, Afrika, Amerika en de Cariben was er niet. Ook het door Nederland gepleegde geweld, de onderdrukking en de opgelegde rechteloosheid werden niet genoemd.
Hierin kwam vanaf de jaren 1960 enige verandering. Tentoonstellingen over de Nederlandse geschiedenis en het kolonialisme waren minder nationalistisch. Het Rijksmuseum probeerde kritischer naar het kolonialisme te kijken.
Koloniaal overwinningsbeeld
Een voorbeeld van hoe het Nederlands kolonialisme vroeger werd gevierd in het Rijksmuseum is het Atjehmonument dat vanaf de opening van het museum in 1885 tot 1930 op de oostelijke binnenplaats stond.
Het beeld van gips, een gevleugelde vrouwfiguur met een lauwerkrans in de hand, diende als eerbetoon aan de Nederlandse soldaten die waren gesneuveld in de koloniale oorlog in Atjeh (Noord-Sumatra). Op het voetstuk stond geschreven: “Schitterend handhaafden zee- en landmagt de eer des lands”. Tot 1930 torende het beeld uit boven een opstelling waarin wapens en vlaggen werden getoond die de nationalistische trots op Nederland ter land en ter zee moest uitstralen.
'Lombokschat'
In 1898 werd de zogenaamde 'Lombokschat' tentoongesteld in het Rijksmuseum. De schat bestond uit gouden kunst- en gebruiksvoorwerpen, munten, edelstenen en juwelen die in 1894 door het Nederlandse Koloniale leger werden buitgemaakt op het Indonesische eiland Lombok. De kostbaarheden hadden toebehoord aan het plaatselijke vorstendom Matram-Cakranegara. De verovering van de kostbaarheden gebeurde in een verwoestende oorlog waarin het koloniale leger duizenden mannen, vrouwen en kinderen op Lombok doodde. Het verhaal over roof en koloniaal geweld werd niet verteld in het Rijksmuseum. De voorwerpen werden als een kunstschat getoond. In 1937 werden de voorwerpen overgedragen aan het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden. Bij de heropening van het Rijksmuseum zijn deze voorwerpen bewust als roofkunst getoond, om te laten zien dat een deel van de Rijksmuseumcollectie verbonden is met koloniaal geweld. Na een teruggaveverzoek (volgend op een eerdere teruggave in 1977) is deze groep voorwerpen in 2023 overgedragen aan Indonesië.
Tijdelijke kunstinstallatie in 2022
Luka dan Bisa Kubawa Berlari ('Wonden en gif voer ik mee op mijn vlucht') is een installatie gemaakt door beeldend kunstenaar Timoteus Anggawan Kusno (1989), in opdracht van het Rijksmuseum. De grote installatie was onderdeel van de tentoonstelling Revolusi! Indonesië onafhankelijk (2022) in het Rijksmuseum. Het werk bestond onder meer uit in de koloniale tijd door Nederland Indonesië buitgemaakte vlaggen, die sinds 1889 onderdeel van de Rijksmuseumcollectie zijn. Daarbij was een soundscape toegevoegd, een geluidsopname van de koranteksten die indertijd op strookjes stof op de vlaggen waren vastgenaaid. De vlaggen werden niet alleen als buit maar vooral ook als tekens van anti-koloniale strijd en als voorwerpen met een islamitische betekenis gepresenteerd.
Aziatisch Paviljoen
Sinds 1952 biedt het Rijksmuseum onderdak aan een Museum van Aziatische Kunst. De collectie van kunstvoorwerpen afkomstig uit verschillende regio’s in Azië is grotendeels bijeengebracht door de Koninklijke Vereniging Vrienden der Aziatische Kunst. Deze vereniging is opgericht in 1918 om kennis over de kunsten uit Azie te verspreiden. De verzameling van de vereniging heeft zich gericht op het bijeenbrengen van een select aantal hoogtepunten van Aziatische kunst. Vanaf de heropening van het museum in 2013 is de collectie ondergebracht in een toegevoegde ruimte: het Aziatisch Paviljoen.







