Model van een hydraulische blaasbalg

Rijkswerf Rotterdam, ca. 1800 - ca. 1815

Model van een hydraulische blaasbalg op grondplank. Het bestaat uit een vat dat horizontaal is opgehangen in twee vorken en door middel van een hendel een kwart cirkel om zijn as heen en weer gedraaid kan worden. De ruimte binnenin is door een buis in de as-richting omgevormd tot een eindeloze cirkel, die weer eindig gemaakt wordt door een in de langsrichting geplaatst schot tussen buiten- en binnenwand boven op de buis. Aan de ene kant is aan weerszijden van dit schot een ingaand ventiel met zeemleren klep aangebracht, aan de andere zijde uitgaande ventielen, waarop een ventilatiepijp is aangesloten. Als nu het vat voor de helft gevuld wordt met water, wordt de ruimte die voor lucht overblijft in twee compartimenten gedeeld: door het vat heen en weer te draaien worden die afwisselend groter en kleiner, omdat het wateroppervlak horizontaal blijft. Zo wordt de luchtstroom tot stand gebracht. De ventilatiepijp is gebogen zodat het uiteinde gelijk loopt met de draaiings-as, en aansluit op een vaste pijp in een wand achter de blaasbalg. In de vloer tussen vat en wand is een dubbele watertank aangebracht: één deel is van boven afgesloten en verbonden met het andere door een gleuf onder in het schot; het afgesloten deel staat met een verticale pijp in verbinding met de ventilatiepijp.

  • Soort kunstwerkdemonstratiemodel
  • ObjectnummerNG-MC-55
  • Afmetingenhoogte 17 cm x breedte 18 cm x diepte 16,5 cm
  • Fysieke kenmerkenhout, messing en zeemleer

Identificatie

  • Titel(s)

    Model van een hydraulische blaasbalg

  • Objecttype

  • Objectnummer

    NG-MC-55

  • Beschrijving

    Model van een hydraulische blaasbalg op grondplank. Het bestaat uit een vat dat horizontaal is opgehangen in twee vorken en door middel van een hendel een kwart cirkel om zijn as heen en weer gedraaid kan worden. De ruimte binnenin is door een buis in de as-richting omgevormd tot een eindeloze cirkel, die weer eindig gemaakt wordt door een in de langsrichting geplaatst schot tussen buiten- en binnenwand boven op de buis. Aan de ene kant is aan weerszijden van dit schot een ingaand ventiel met zeemleren klep aangebracht, aan de andere zijde uitgaande ventielen, waarop een ventilatiepijp is aangesloten. Als nu het vat voor de helft gevuld wordt met water, wordt de ruimte die voor lucht overblijft in twee compartimenten gedeeld: door het vat heen en weer te draaien worden die afwisselend groter en kleiner, omdat het wateroppervlak horizontaal blijft. Zo wordt de luchtstroom tot stand gebracht. De ventilatiepijp is gebogen zodat het uiteinde gelijk loopt met de draaiings-as, en aansluit op een vaste pijp in een wand achter de blaasbalg. In de vloer tussen vat en wand is een dubbele watertank aangebracht: één deel is van boven afgesloten en verbonden met het andere door een gleuf onder in het schot; het afgesloten deel staat met een verticale pijp in verbinding met de ventilatiepijp.

  • Opschriften / Merken

    opschrift, op het voetstuk: ‘ROTTERDAM: 1818’

  • Onderdeel van catalogus


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    • modelmaker: Rijkswerf Rotterdam, Rotterdam
    • naar ontwerp van anoniem, Verenigd Koninkrijk
  • Datering

    • ca. 1800 - ca. 1815
    • 1818
  • Zoek verder op


Materiaal en techniek

  • Fysieke kenmerken

    hout, messing en zeemleer

  • Afmetingen

    hoogte 17 cm x breedte 18 cm x diepte 16,5 cm


Toelichting

  • De functie van deze tank is niet duidelijk. Het kan alleen voor demonstratie bedoeld zijn: indien gevuld met water en als de andere ventilatiepijp is afgesloten, zal het water in het open gedeelte omhoog gepompt worden. Volgens Obreen werd dit soort blaasbalgen sinds 1821 op de werven in Engeland gebruikt. Bij de overweging voor de algemene invoer van dit type blaasbalgen in Nederland in 1822, werd erop gewezen dat zij reeds geruime tijd in Rotterdam werden gebruikt (het model dateert zelfs van 1818). Zij schijnen al in de Bataafse Tijd in België ingevoerd te zijn.


Dit werk gaat over

  • Onderwerp


Verwerving en rechten

  • Copyright

  • Herkomst

    ...; transferred from the Ministerie van Marine (Department of the Navy), The Hague, to the museum, 1883


Documentatie

  • Mokyr 1976


Gerelateerde objecten

  • Gerelateerd


Duurzaam webadres


Rijkswerf Rotterdam

Model of a Pair of Hydraulic Forge Bellows

Rotterdam, United Kingdom, c. 1800 - c. 1815

Inscriptions

  • inscription, on the base:ROTTERDAM: 1818

Provenance

...; transferred from the Ministerie van Marine (Department of the Navy), The Hague, to the museum, 1883

Object number: NG-MC-55


Entry

Demonstration model of a pair of cylindrical forge bellows, mounted on a base. The main body consists of a barrel suspended horizontally from two crutches. The inside of the barrel is made into an endless circular space with a cylinder going from one end to the other; this endless circular space is made finite by a partition placed longitudinally between outer wall and the inner cylinder, above. At one end ingoing valves with a chamois flap are placed to either side of this partition, at the other end similar outgoing valves lead to a ventilation pipe. With a handle the barrel can be rocked a quarter circle forth and back. If the barrel were half-filled with water, the space remaining for air would be divided into two compartments; by rocking the barrel back and forth these compartments would alternately become smaller and bigger, as the water level remains horizontal. This way airflow is achieved. The ventilation pipe is bent so that its end coincides with the axis of rotation, and can be connected to a fixed pipe going through a wall behind the ventilator. Between the barrel and the wall there is a tank in the floor. This tank has two compartments, one of which is covered and connected with the other by an opening in the partition at the bottom; a vertical pipe comes down from the fixed ventilation pipe into the closed compartment. This appliance is a water regulator, ensuring a regular airflow between two beats of the pump by atmospheric pressure on the surface of the water, pushing back the air in the closed compartment.

According to Obreen forge bellows of this type were used on British shipyards from 1821.1J.M. Obreen, Catalogus der verzameling modellen van het Departement van Marine, The Hague 1858, no. 55. In a report considering the introduction of these bellows in the Netherlands in 1822,2HNA 2.12.01 Min. Marine, Exh. 22/5/1822 N7. it was stated that they were already in use in Rotterdam – and indeed, this model dates from 1818.


Literature

J.M. Obreen, Catalogus der verzameling modellen van het Departement van Marine, The Hague 1858, no. 55; M.G. de Boer, ‘Twee memoriën van G.M. Roentgen aangaande de ijzerindustrie’, Economisch-Historisch Jaarboek 9 (1923), pp. 3-156, pp. 26-27 (regulator); G. Doorman, Het Nederlandsch octrooiwezen en de techniek der 19de eeuw, The Hague 1947, p. 209, no. 818; A.A. Lemmers, Techniek op schaal. Modellen en het technologiebeleid van de Marine 1725-1885, Amsterdam 1996, pp. 167-68


Citation

J. van der Vliet, 2016, 'Rijkswerf Rotterdam, Model of a Pair of Hydraulic Forge Bellows, Rotterdam, 1818', in J. van der Vliet and A. Lemmers (eds.), Navy Models in the Rijksmuseum, online coll. cat. Amsterdam: https://data.rijksmuseum.nl/20053209

(accessed 17 February 2026 10:08:32).

Footnotes

  • 1J.M. Obreen, Catalogus der verzameling modellen van het Departement van Marine, The Hague 1858, no. 55.
  • 2HNA 2.12.01 Min. Marine, Exh. 22/5/1822 N7.