Echarpe of loper van naaldkant van Koningin Wilhelmina

Isidore De Rudder, 1918

Echarpe of loper van naturelkleurige naaldkant, Brusselse gaaskant. Een rechthoekig middenstuk met maasgrond is gevuld met opgaande, naar het midden gekeerde hyacinthen en bloeiende tulpenbollen, terwijl de randen gevuld zijn met lelietjes van dalen, die in kruisvorm zijn gecomponeerd. Aan de uiteinden staat het Nederlandse Koninklijke wapen, binnen een krans van eiketakken. Hieromheen staat een tweede schildvorm, bekroond met het opschrift JE MAINTIENDRAI, dat met linten en strikken is opgehangen aan een cirkelboog, die een brede rand omgeeft, waarop tien putti zich in reidans bewegen, oranje-appels strooiende uit manden en hoorns van overvloed. Deze rand wordt vergezeld van een rand met wapenschilden der negen Belgische provincies (Brabant, Luik, Henegouwen, Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg, Namen en Luxemburg), die in een zware keten als het ware geboeid zijn. Aan de uiteinden loopt een schulprand, waarin viermaal een met oranje-takken omkranste reserve met opschriften: tussen twee gekroonde W's de jaartallen 1914 en 1915, aan de andere zijde 1916 en 1917. Boven een der initialen staat de signatuur I. DE RUDDER.

  • Soort kunstwerkloper, echarpe
  • ObjectnummerBK-BR-J-233
  • Afmetingenhoogte 245 cm x breedte 45 cm
  • Fysieke kenmerkennaaldkant, grond met fijne enkelvoudige mazen

Identificatie

  • Titel(s)

    Echarpe of loper van naaldkant van Koningin Wilhelmina

  • Objecttype

  • Objectnummer

    BK-BR-J-233

  • Beschrijving

    Echarpe of loper van naturelkleurige naaldkant, Brusselse gaaskant. Een rechthoekig middenstuk met maasgrond is gevuld met opgaande, naar het midden gekeerde hyacinthen en bloeiende tulpenbollen, terwijl de randen gevuld zijn met lelietjes van dalen, die in kruisvorm zijn gecomponeerd. Aan de uiteinden staat het Nederlandse Koninklijke wapen, binnen een krans van eiketakken. Hieromheen staat een tweede schildvorm, bekroond met het opschrift JE MAINTIENDRAI, dat met linten en strikken is opgehangen aan een cirkelboog, die een brede rand omgeeft, waarop tien putti zich in reidans bewegen, oranje-appels strooiende uit manden en hoorns van overvloed. Deze rand wordt vergezeld van een rand met wapenschilden der negen Belgische provincies (Brabant, Luik, Henegouwen, Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg, Namen en Luxemburg), die in een zware keten als het ware geboeid zijn. Aan de uiteinden loopt een schulprand, waarin viermaal een met oranje-takken omkranste reserve met opschriften: tussen twee gekroonde W's de jaartallen 1914 en 1915, aan de andere zijde 1916 en 1917. Boven een der initialen staat de signatuur I. DE RUDDER.


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    patroonontwerper: Isidore De Rudder, Brussel (stad)

  • Datering

    1918

  • Zoek verder op


Materiaal en techniek

  • Fysieke kenmerken

    naaldkant, grond met fijne enkelvoudige mazen

  • Afmetingen

    hoogte 245 cm x breedte 45 cm


Toelichting

  • Door het Comité der Belgische vluchtelingen in 1918 aan Koningin Wilhelmina geschonken, uit dank voor het gedurende de Eerste Wereldoorlog verleende onderdak in Nederland. Het Comité liet er de negen provinciewapens van België op afbeelden, omgeven door een zware keten, symbool van het oorlogsgeweld. Brusselse gaaskant werd als techniek tot in de twintigste eeuw voortgezet met de zogenoemde Oorlogskant. Dit stuk is een mooi voorbeeld van Brusselse gaaskant in de stijl van de Art Nouveau.


Dit werk gaat over

  • Persoon

  • Onderwerp


Tentoonstellingen


Verwerving en rechten

  • Credit line

    Bruikleen van de Koninklijke Verzamelingen, Den Haag

  • Copyright


Documentatie


Duurzaam webadres