Rechthoekige palmensjaal met een gerekte, gelobde middencartouche en een veelkleurig vol patroon

anoniem, ca. 1850 - ca. 1870

Rechthoekige palmensjaal (worteldoek) van wol, met een veelkleurig vol patroon. Het symmetrische patroon is op een lange staande en korte liggende as. In het midden een gerekte, gelobde cartouche, die wordt opgenomen in het overige decor. Aan de lange einden staan twee lange, toegewende bota's, waar, in het midden, een kleine palmet tussen hangt. OP de liggende as staat een kleine palmet, van waaruit een vierdubbele, accoladevormige zijrand loopt, doorlopend tot in de korte einden. Nrs. drie en vier hebben rozetvormige lobben, die naar buitengericht staan en in de hoek tot een palmet zijn uitgebreid. In de dubbele staande rand met naar binnen rerichte bogen en met een goede oplossing ook in de liggende randen doorlopend. In de liggende rand staan buiten de genoemde bogen poorten met effen partijen. Deze hebben van 't midden uit de kleuren van zwart, turquoise, rood, groen, waartussen smalle 'stegen' voorkomen in rood, wit, okergeel, welke zich daarna herhalen. De wollen, partieel gekleurde ketting heeft vanachter flottante inslagdraden.

  • Soort kunstwerkkleding, sjaal, kasjmiersjaal
  • ObjectnummerBK-1980-53
  • Afmetingengeheel: lengte 342 cm x breedte 163 cm
  • Fysieke kenmerkenWol

Identificatie

  • Titel(s)

    Rechthoekige palmensjaal met een gerekte, gelobde middencartouche en een veelkleurig vol patroon

  • Objecttype

  • Objectnummer

    BK-1980-53

  • Beschrijving

    Rechthoekige palmensjaal (worteldoek) van wol, met een veelkleurig vol patroon. Het symmetrische patroon is op een lange staande en korte liggende as. In het midden een gerekte, gelobde cartouche, die wordt opgenomen in het overige decor. Aan de lange einden staan twee lange, toegewende bota's, waar, in het midden, een kleine palmet tussen hangt. OP de liggende as staat een kleine palmet, van waaruit een vierdubbele, accoladevormige zijrand loopt, doorlopend tot in de korte einden. Nrs. drie en vier hebben rozetvormige lobben, die naar buitengericht staan en in de hoek tot een palmet zijn uitgebreid. In de dubbele staande rand met naar binnen rerichte bogen en met een goede oplossing ook in de liggende randen doorlopend. In de liggende rand staan buiten de genoemde bogen poorten met effen partijen. Deze hebben van 't midden uit de kleuren van zwart, turquoise, rood, groen, waartussen smalle 'stegen' voorkomen in rood, wit, okergeel, welke zich daarna herhalen. De wollen, partieel gekleurde ketting heeft vanachter flottante inslagdraden.


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    • weverij: anoniem, West-Europa (mogelijk)
    • weverij: anoniem, Lyon (mogelijk)
    • weverij: anoniem, Paisley (mogelijk)
  • Datering

    ca. 1850 - ca. 1870

  • Zoek verder op


Materiaal en techniek

  • Fysieke kenmerken

    Wol

  • Afmetingen

    geheel: lengte 342 cm x breedte 163 cm


Verwerving en rechten

  • Credit line

    Schenking van de heer en mevrouw Pitlo-van Rooyen, Amsterdam

  • Verwerving

    schenking 1980

  • Copyright


Duurzaam webadres