Koffiekan buitgemaakt op de radja van Bone in 1905

anoniem, ca. 1880 - ca. 1900

Peervormige kan op vier klauwvoeten, klokvormige deksel met gelede dekselknop, lange gebogen tuit en J-vormig oor met op de punt een gemodelleerde vogelkop. De uitlopende hals eindigt in een gelobde rand. Boven elke poot een rond, aan de bovenzijde puntig gesloten veld met geciseleerd fijn bladwerk; daarbuiten steeds een gegraveerde lotusrank. Aan de binnenkant van het deksel 'IV' gekerfd. Deze koffiekan maakt deel uit van een servies dat in 1905 werd buitgemaakt op de radja van Bone.

  • Soort kunstwerkkoffiekan
  • ObjectnummerBK-NM-11959-O-IV
  • Afmetingenhoogte 28 cm x breedte 24,5 cm (met tuit en oor) x gewicht (eigenschap) 1159 g

Identificatie

  • Titel(s)

    • Koffiekan van zilver met bolvormig lichaam rustend op vier klauwpootjes
    • Koffiekan buitgemaakt op de radja van Bone in 1905
  • Objecttype

  • Objectnummer

    BK-NM-11959-O-IV

  • Beschrijving

    Peervormige kan op vier klauwvoeten, klokvormige deksel met gelede dekselknop, lange gebogen tuit en J-vormig oor met op de punt een gemodelleerde vogelkop. De uitlopende hals eindigt in een gelobde rand. Boven elke poot een rond, aan de bovenzijde puntig gesloten veld met geciseleerd fijn bladwerk; daarbuiten steeds een gegraveerde lotusrank. Aan de binnenkant van het deksel 'IV' gekerfd. Deze koffiekan maakt deel uit van een servies dat in 1905 werd buitgemaakt op de radja van Bone.


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    zilversmid: anoniem

  • Datering

    ca. 1880 - ca. 1900

  • Zoek verder op


Materiaal en techniek

  • Afmetingen

    hoogte 28 cm x breedte 24,5 cm (met tuit en oor) x gewicht (eigenschap) 1159 g


Toelichting

  • Deze koffiekan maakt deel uit van een servies dat in 1905 tijdens een koloniale oorlog door Nederlandse troepen werd buitgemaakt op het vorstendom Bone in Zuid-Sulawesi. Enkele jaren eerder, in 1894, had het Nederlandse koloniale bestuur een deel van dit servies cadeau gedaan aan de radja van Bone, ter gelegenheid van het einde van de islamitische vastenmaand. Het servies had daarmee meer dan een praktische of decoratieve waarde. Dergelijke geschenken speelden een rol in het koloniale machtsspel: ze onderstreepten de status en legitimiteit van de radja als heerser, in nauwe relatie tot het Nederlandse gezag. Door het servies tijdens de oorlog weer af te nemen, werd niet alleen bezit buitgemaakt, maar ook een belangrijk symbool van gezag weggenomen, waarmee de macht van de radja feitelijk werd ontnomen. Samen met andere oorlogsbuit werd het servies vanuit Batavia naar Nederland verscheept, met als bestemming het Rijksmuseum. Daar werd het zilveren servies in 1906 opgenomen in de museuminventaris onder de omschrijving: ‘Eenige voorwerpen buitgemaakt tijdens de expeditiën van Boni en Gowa’.


Verwerving en rechten


Gerelateerde objecten

  • Onderdeel van


Duurzaam webadres