Rozenwater druppelaar of puntfles met bloeiende planten bij een rots

anoniem, ca. 1680 - ca. 1720

Rozenwater druppelaar of puntfles van porselein op een hoge voet en lange, peervormige nek, beschilderd in onderglazuur blauw. Op de buik tweemaal een bloeiende plant bij een rots. Op de hals een bloeiende aster. Op de voet twee bloemtakken. Barst in de buik. Blauw-wit.

  • Soort kunstwerkpuntfles
  • ObjectnummerAK-NM-6738
  • Afmetingenhoogte 18,2 cm, rand: diameter 1,1 cm, buik: diameter 7,9 cm, voet: diameter 5,1 cm
  • Fysieke kenmerkenporselein met onderglazuur blauw

Identificatie

  • Titel(s)

    Rozenwater druppelaar of puntfles met bloeiende planten bij een rots

  • Objecttype

  • Objectnummer

    AK-NM-6738

  • Beschrijving

    Rozenwater druppelaar of puntfles van porselein op een hoge voet en lange, peervormige nek, beschilderd in onderglazuur blauw. Op de buik tweemaal een bloeiende plant bij een rots. Op de hals een bloeiende aster. Op de voet twee bloemtakken. Barst in de buik. Blauw-wit.


Vervaardiging

  • Vervaardiging

    pottenbakker: anoniem, China

  • Datering

    ca. 1680 - ca. 1720

  • Zoek verder op

  • School / Stijl


Materiaal en techniek

  • Fysieke kenmerken

    porselein met onderglazuur blauw

  • Afmetingen

    • hoogte 18,2 cm
    • rand: diameter 1,1 cm
    • buik: diameter 7,9 cm
    • voet: diameter 5,1 cm

Toelichting

  • AK-NM-6738 Rozenwaterdruppelaar • Blauw-wit Kangxi-porselein • Onderdeel van Royers porseleincollectie Vazen met lange halzen, zoals bloemvazen en flessen in diverse formaten, waren een vast onderdeel van repertoire aan vaatwerk in Perzië, en in de gebieden die zich door de Perzische cultuur lieten inspireren, zoals Mogol-India en Turkije. Op schilderingen zijn ze in groten getale terug te vinden. In principe werden ze van metaal gemaakt. Rozenwater is een bijproduct dat ontstaat bij het maken van rozenolie, die zowel in de keuken als de badkamer gebruikt kon worden. Het kweken van geurige bloemen en het maken van welriekende oliën daarvan, ontstond in Perzië. Rozenwater kon het gemakkelijkst uit een flesje met een lange smalle hals gesprenkeld worden. De bolling die soms in de hals boven de buik is aangebracht helpt bij het doseren. Dat deze (metaal)vormen vervolgens in Chinees porselein werden uitgevoerd en in deze islamitische landen goed werden afgezet, is zeker niet verwonderlijk – die vertaalslag van metaal naar porselein werd immers heel vaak gemaakt en porselein leende zich goed voor het vervaardigen van deze kleine flessen. In de collectie van het Topkapi-museum zijn veel rozenwaterdruppelaars te vinden daterend vanaf het eind van de 17de eeuw en gedecoreerd in alle technieken die in de Kangxi-tijd werden toegepast. Dat ze ook in grote hoeveelheden voorkomen in oude Europese collecties is verwonderlijker. De oorspronkelijke functie deed er daar niet meer toe. De rozenwaterflesjes waren etagèregoed geworden. De beschildering is tamelijk nietszeggend. Bij veel Kangxi-porselein in Royers collectie zie je de worsteling van de producenten en handelaren om aanbod en verwachtingen en wensen met elkaar in overeenstemming te brengen. Hier zijn ‘gewoon’ bloeiende planten geschilderd. De Vung Tau, een Chinese jonk met porselein op weg naar Batavia gezonken in de jaren ’90 van de 17de eeuw, zat er vol mee. Vaak was een gewone bloeiende plant natuurlijk goed genoeg, maar omdat de porselein-productie en -handel een commerciële aangelegenheid was is steeds te merken dat naar ander nieuwere, hopelijk beter verkopende vormen en decors werd gezocht. Bronnen: Regina Krahl en John Ayers, Chinese ceramics in the Topkapi Saray Museum, Istanbul: a complete catalogue, Londen, 1986. The Vung Tau cargo: Chinese export porcelain. Auction catalogue Christie’s Amsterdam, 7 April 1992. Mark Zebrowski, Gold, silver and bronze from Mughal India, Londen, 1998.


Verwerving en rechten

  • Copyright

  • Herkomst

    ...; collection Jean Theodore Royer (1737-1807), The Hague;{Note RMA.} bequeathed by his widow to King William I, 1814;{Note RMA.}; transferred to the Royal Cabinet of Curiosities, The Hague, 1816;{Note RMA.} from whom transferred to the museum, 1885


Documentatie


Duurzaam webadres