Suikerstrooilepel met rechthoekige…

Jacobus van Wijk, 1824, lepel, BK-1978-140

De afgerond rechthoekige bak is opengewerkt met een patroon van sterren binnen een krans van brede stralen die omgeven wordt door een dubbele rand van rechthoeken. De bak is door middel van enkel lof verbonden met de platte, gebogen steel, die zich verbreedt en vervolgens verjongt naar het rechte…

Theelepel met spits ovale bak en…

Hendrik Overhulsman, 1804, lepel, BK-1977-46-B

Mokkalepel van zilver, met een spits ovale bak. De platte, gebogen steel verbreedt zich naar het spitse uiteinde.

Groentelepel met het familiewapen…

Hermanus Heuvel, 1798, lepel, BK-1971-43

Groentelepel van zilver, met eivormige bak. Op het uiteinde van de steel is het wapen van de familie Boreel in ovaal schild gegraveerd.

Lepel

Georg Jensen, 1939, lepel, BK-1984-33

Lepel van zilver met spits eivormige bak, model 'Bernadotte'. De platte, geribde steel verbreedt zich naar het uiteinde toe.

Lepel van een gembercouvert…

Koninklijke Utrechtsche Fabriek van Zilverwerken van C.J. Begeer, 1905, lepel, BK-1971-58-B

Lepel van zilver, met platte peervormige bak. De bak gaat geleidelijk over in de platte, gebogen steel. Gembercouvert, samen met vork (A).

Theelepel met spits ovale bak en…

Hendrik Overhulsman, 1804, lepel, BK-1977-46-E

Mokkalepel van zilver, met een spits ovale bak. De platte, gebogen steel verbreedt zich naar het spitse uiteinde.

Lepel van gembercouvert

J.M. van Kempen & Zoon, 1903, lepel, BK-1977-254-A

Lepel van zilver, met een eivormige bak. De steel verbreedt zich naar het uiteinde toe, waar het aan de onder en bovenkant met een narcis is versierd.

Lepel met jaartal 1836.

W. Roelfsema, 1836, lepel, BK-1969-10

Lepel van zilver, met eivormige bak. Op de onderzijde van de steel is ingeponst: H.T.K./ T.A.H./1836

Natfruitschep van zilver

J.M. van Kempen (firma), 1911, lepel, BK-1982-5

De ovale bak is opengewerkt met een symmetrisch stervormig patroon binnen een rand van rondjes.

Soeplepel met rechthoekige bak en…

Pieter Las van Bennekom, 1826, lepel, BK-1978-144

De diepe, afgerond rechthoekige bak is door middel van enkel lof verbonden met de platte, gebogen steel, die zich verbreedt naar het spatelvormige uiteinde, dat aan boven- en onderzijde wordt omgeven door een filetrand. Op de onderzijde van de spatel is een B gegraveerd.