Vrouw in een huik

Gesina ter Borch, ca. 1652, tekening, BI-1890-1952-8

Profiel van een staande vrouw in een huik naast een liefdesklacht op de melodie van 'Wie wil mee seeuart vaeren op het schippien van rein uijt'.

Twee heren en een boerenmeisje

Gesina ter Borch, ca. 1654, tekening, BI-1890-1952-64

Twee heren en een boerenmeisje onder een gedicht op de melodie van Rosemont die lach gedoken. In het gedicht richten de heren zich tot Cupido omdat hij hen beide op hetzelfde wispelturige meisje verliefd heeft laten worden.

Herderspaar

Gesina ter Borch, ca. 1652, tekening, BI-1890-1952-10

Herderspaar onder gedicht over Florijmont en Florijaen, op de melodie van Nu Cloris mij niet weer wil minnen.

Spotvers op de begrafenis van de…

anoniem, 1634, tekstblad, RP-P-OB-81.369

Spotvers op de begrafenis van Tijter, de hond van de Leidse schout Mr. Willem de Bondt, 29 januari 1634. Tekstblad met het vers in 10 genummerde coupletten.

Heer knielend voor een dame

Gesina ter Borch, ca. 1654, tekening, BI-1890-1952-60

Heer knielend voor een dame naast een liefdesklacht zonder aangegeven melodie.

Soldaat en dame, van achteren

Gesina ter Borch, ca. 1654, tekening, BI-1890-1952-58

Soldaat en dame, van achteren, naast liefdesklacht op de melodie van Psalm 38.

Drinkend paar

Gesina ter Borch, naar Gerard ter Borch (II), ca. 1652, tekening, BI-1890-1952-6

Drinkend paar onder drinklied over wijn, op de melodie van Een Nijeuliet vant jaer 88.

Eerbetoon aan Kunst

Gesina ter Borch, ca. 1652, tekening, BI-1890-1952-1

Allegorie op de Kunst. Midden onder zit een man achter een schildersezel, links van hem vermaalt zijn leerling de kleuren, rechts staan kunstkenners, leraren en geleerden met voorop een man die een leeman vasthoudt. Onder de tekening staat een gedicht.

Heer en herderin in gesprek

Gesina ter Borch, ca. 1654, tekening, BI-1890-1952-66

Heer en herderin in gesprek naast gedicht op de melodie van Dat ick een honigh bijtien waer. In het gedicht vraagt de spreekster, Dorathea, aan haar geliefde Garint wat beter is: de rijkdom van het hof of de zoete rust van het herdersleven.

Heer die de hand van een dame kust

Gesina ter Borch, 1656, tekening, BI-1890-1952-97

Heer die de hand van een dame kust en vervolg van het liefdeslied op de vorige pagina (folio 96, BI-1890-1952-96), zonder aangegeven melodie.