Jodenvervolging

In mei 1940 woonden in Nederland ongeveer 140.000 Joden. Zij kregen in de loop van dat jaar te maken met steeds scherpere anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Uiteindelijk werden meer dan 100.000 Joodse mannen, vrouwen en kinderen in vernietigingskampen zoals Auschwitz en Sobibor vermoord.

Deportaties

Concentratiekampjas gedragen door Isabel Wachenheimer. Duitsland?, 1938-1945. De Duits-Joodse Isabel Wachenheimer(1928-2010) werd vanuit Amsterdam gedeporteerd naar kamp Westerbork. Van daaruit werd zij naar Theresienstadt, en vervolgens naar Auschwitz gebracht. Op 5 mei 1945 werd zij in een buitenkamp van Mauthausen bevrijd.

Concentratiekampjas gedragen door Isabel Wachenheimer. Duitsland?, 1938-1945. De Duits-Joodse Isabel Wachenheimer(1928-2010) werd vanuit Amsterdam gedeporteerd naar kamp Westerbork. Van daaruit werd zij naar Theresienstadt, en vervolgens naar Auschwitz gebracht. Op 5 mei 1945 werd zij in een buitenkamp van Mauthausen bevrijd.

Razzia op joden op het Jonas Daniël Meyerplein. Amsterdam, 1941

Razzia op joden op het Jonas Daniël Meyerplein. Amsterdam, 1941

Isolatie, deportatie, moord. Dat was het lot van het merendeel van de Joodse bevolking tijdens de Duitse bezetting. Bordjes met de tekst ‘Voor joden verboden’ verschenen bij de ingangen van cafés, theaters, parken en andere openbare gelegenheden. Joden werden ontslagen uit overheidsdienst en hun kinderen konden niet meer naar een openbare school. Vanaf mei 1942 moesten alle Joden een gele Davidster op hun bovenkleding dragen. In de zomer van dat jaar begonnen de deportaties. Wie niet kon onderduiken, was reddeloos verloren. Via kamp Westerbork werden tot september 1944 zo'n 107.000 Joden met treinen op transport gesteld naar vernietigingskampen in Oost-Europa. Maar weinigen overleefden het kamp.