1860-1918 Nederland industrialiseert

Eerst aarzelend, maar steeds sneller veroverde de trein in de loop van de tweede helft van de 19de eeuw Nederland. Op het water rukte de stoomvaart op en ook in de fabrieken werd in toenemende mate gebruik gemaakt van stoomkracht. Nog meer moderniseringen volgden: elektriciteit, telegraaf, telefoon, de automobiel en het vliegtuig.

Volgende

Technisch kunnen

De spoorbrug bij Culemborg. Johann Heinrich Schönscheidt, 1868

Model van de vuurtoren van Vlakkenhoek op Sumatra, P. Leemans, 1879

De industrialisatie bood Nederlandse ingenieurs nieuwe uitdagingen. Ten behoeve van de spoorlijn Utrecht-Den Bosch werd in 1868 bij Culemborg een spectaculaire spoorbrug in gebruik genomen. In plaats van een traditionele draaibrug was het een hoge brug, die de scheepvaart bij ijsgang niet zou belemmeren. Met een vrije overspanning van meer dan 150 meter was de brug enige tijd de grootste van Europa.

Een ander staaltje van technisch kunnen was de reeks van 26 gietijzeren vuurtorens die tussen 1861 en 1892 in Nederlands-Indische wateren werden opgericht om de belangrijke vaarroutes te markeren. De vuurtorens werden in losse onderdelen van Nederland naar Indië getransporteerd en ter plaatse in elkaar gezet. Deze moderne infrastructuur was onmisbaar voor het steeds drukkere scheepvaartverkeer.

Vorige Volgende

Pioniers

Dubbeldekker F.K. 23 Bantam. Frits Koolhoven, 1918

De FK 23 Bantam van Frits Koolhoven was een van de demonstratievliegtuigen op de Eerste Luchtvaart Tentoonstelling Amsterdam (ELTA) in 1917. De Nederlandse luchtvaartgeschiedenis was op dat moment nog maar kort, maar spectaculair. Veel aandacht trok het rondje dat Koolhovens concurrent Anthony Fokker op 31 augustus 1911 maakte rond de Haarlemse Sint-Bavokerk in het door hemzelf gebouwde toestel Spin.

De luchtvaart werd in Nederland van de grond getild door pioniers als Koolhoven en Fokker. Net als in andere landen kreeg de ontwikkeling ervan een sterke impuls door de Eerste Wereldoorlog. Met de oprichting van de KLM in 1919 door Albert Plesman was Nederland het eerste land met een luchtvaartmaatschappij.

Vorige

Bouwen

Bouwterrein in Amsterdam. George Hendrik Breitner, ca. 1880-1920

De vestiging van moderne bedrijven en de groeiende bevolking brachten een snelle groei van de grote steden met zich mee. Het inwonertal van Amsterdam steeg van zo’n 200.000 in de eerste helft van de 19de eeuw tot meer dan 500.000 in 1900. Om al die nieuwe bewoners onderdak te bieden werden in hoog tempo nieuwe stadswijken met arbeiders- en burgerwoningen uit de grond gestampt.