De jaren 60 van de 20ste eeuw staan bekend als revolutionair tijdperk. Jongeren rebelleerden tegen het establishment, werden politiek bewust, experimenteerden met seks en drugs en luisterden naar nieuwe, opwindende muziek zoals rock-‘n-roll. Steeds minder mensen lieten vorm en inhoud van hun overtuiging bepalen door een kerkgenootschap. Homoseksuelen en vrouwen kwamen steeds meer en openlijker op voor verbetering van hun positie.

Volgende

1953-1965 Jeugdcultuur

Omslagontwerp van het boek Ik Jan Cremer. Jan Cremer en Wim van der Linden, 1963

Angst voor ‘verwilderde’ jeugd bestond ook al vóór de jaren 60. In 1953 rapporteerde een wetenschapper over de Nederlandse jongeren: ‘Men loeit, men brult, men kletst als een eindeloos geleuter, men gilt en tiert, ment jengelt en zeurt.’ In 1956 leidde de film Rock around the clock tot paniek onder gezagsdragers: één burgemeester liet de film zelfs vertonen zonder het geluid. Het brommerbezit was tussen 1950 en 1960 verdubbeld en ‘pleiners’ en ‘dijkers’ maakten amok in Amsterdam. Terwijl Nederland dus wel wat gewend was, leidde de verschijning van Ik Jan Cremer in 1964 tot grote ophef. Ondanks of dankzij de negatieve reacties was deze in expliciete taal geschreven schelmenroman inderdaad een ‘onverbiddelijke bestseller’, zoals op de cover vermeld stond. In 1965 waren er al 180.000 exemplaren over de toonbank gegaan.

Vorige Volgende

1965-1970 Protesterende jeugd

Robert Jasper Grootveld bij het Lieverdje op het Spui te Amsterdam, Cor Jaring, 1966

Robert Jasper Grootveld bij het Lieverdje op het Spui te Amsterdam, Cor Jaring, 1966

Jan Wolkers bij een Vietnamdemonstratie. Cor Jaring, 1967

Jan Wolkers bij een Vietnamdemonstratie. Cor Jaring, 1967

De Nederlandse jeugd roerde zich niet alleen in muziek en literatuur. Teleurgesteld in het klassieke socialisme bemoeiden zij zich luidruchtig met de binnen- en buitenlandse politiek. In Amsterdam ontstond de provobeweging, aangevoerd door de werkloze glazenwasser Robert Jasper Grootveld. Als protest tegen de consumptiemaatschappij hield hij komische bijeenkomsten (happenings). In 1966 richtte de provobeweging haar pijlen op het koningshuis. Het huwelijk van kroonprinses Beatrix met de Duitser Claus von Amsberg verliep rumoerig doordat enkele rookbommen ontploften. Breder gedragen binnen de maatschappij waren de protesten tegen het Amerikaanse militaire optreden in Vietnam en acties voor afschaffing van het jeugdloon en gelijke beloning voor mannen en vrouwen.

Vorige Volgende

Man Vrouw Maatschappij

Abortusmanifestatie in de Jaap Edenhal van de actiegroep Wij Vrouwen Eisen. Bertien van Manen, 1978

In de jaren 60 kwam er een heropleving op gang van het feminisme, later bekend geworden als de ‘tweede feministische golf’. Kernpunten waren recht op betaald werk en deelname aan het maatschappelijke leven, waarover in 1967 een baanbrekend artikel verscheen van Joke Smit. Om haar idealen te verwezenlijken richtte zij met een aantal anderen het platform Man Vrouw Maatschappij (MVM) op. Uit de vrouwenbeweging kwamen verder initiatieven voort zoals praatgroepen, vrouwenhuizen, moedermavo's en feministische boekhandels en drukkerijen. Het moederschap was een belangrijk thema van de vrouwenbeweging. Dankzij de komst van betrouwbare anticonceptie en de stijgende welvaart was dat steeds meer een keuze in plaats van een vanzelfsprekendheid geworden. Onder het motto ‘Baas in eigen buik’ streden vrouwen voor het recht op abortus. De wet die abortus in bepaalde gevallen legaliseert, is in 1984 in werking getreden.

Vorige Volgende

1975-1980 Woningnood en oproer

Ontruiming van panden in de omgeving van de Nieuwmarkt in Amsterdam. Pieter Boersma, 1975

Aanplakbiljet ‘Geen woning, geen kroning’. Amsterdam, 1980

Met het ‘witte huizenplan’ had de provobeweging zich in 1966 al beziggehouden met de problematiek van de woningnood. Door deurposten van leegstaande huizen wit te verven werden woningzoekenden opgeroepen om deze te bezetten. In 1975 bracht de aanleg van de Amsterdamse metro en een snelweg de kraakbeweging in een stroomversnelling. Verschillende kraakorganisaties en actiegroepen sloten de handen ineen om de sloop van woningen te voorkomen. Als gevolg van de protesten werden minder huizen gesloopt en de buurt herbouwd volgens het oude stratenpatroon. In de jaren 80 ontstond een groeiend tekort aan huurwoningen, terwijl speculanten panden juist langdurig leeg lieten staan. Tijdens de inhuldiging van koningin Beatrix in 1980 barstte de bom: krakers, autonomen en relbeluste jongeren bonden de strijd aan met de Amsterdamse politie. De rellen behoren tot de heftigste uit de Nederlandse geschiedenis.

Vorige

1971-2001 Homorechten

Lesbisch ouderpaar bedankt de dominee na de doop van hun tweeling. Harry Meijer, 1982

Roze zaterdag. Morad Bouchakour, 2002

Al vóór de Tweede Wereldoorlog waren voorvechters van homo-emancipatie actief. Inzet was vooral afschaffing van een wetartikel dat seksuele contacten van volwassenen met personen van het hetzelfde geslacht tussen 16 en 21 jaar strafbaar stelde. Na de oorlog werd deze strijd voortgezet door het Cultuur- en Ontspannings Centrum (COC). In de jaren 60 en 70 werd homoseksualiteit zichtbaarder in de samenleving en meer geaccepteerd, maar pas in 1971 verdween het beruchte wetsartikel. In de jaren 90 werd de Algemene Wet Gelijke Behandeling aangenomen, die ook discriminatie vanwege seksuele geaardheid verbood. Sinds 1996 vieren homoseksuelen en lesbiennes hun vrijheid tijdens de feestelijke Canal Parade door de grachten van Amsterdam. Vijf jaar later werd in diezelfde stad het eerste homohuwelijk gesloten.