Na de komst van de hertog van Alva en het Spaanse leger verhevigde het protest in de Nederlanden. Een Spaanse koning als landsheer, daar hadden de meeste mensen geen moeite mee. Een Spaans leger op het grondgebied, dat was van een andere orde. Er was geen sprake meer van protest, het was oorlog.

Volgende

Bloedbaden

Moordpartij door de Spanjaarden te Zutphen, 16 november 1572. Nederland, ca. 1620

Moord op de verdedigers van Haarlem door Spaanse soldaten, na de overgave van de stad op 13 juli 1573. Frans Hogenberg, 1573-1575

In 1567 was de hertog van Alva landvoogd geworden over de Nederlanden. Nadat veel steden in 1572 de zijde van de prins hadden gekozen stuurde Alva een strafleger door het land om de opstandige steden te heroveren en te straffen. Veel steden gaven zich bij het naderen van de Spanjaarden meteen over, maar er waren ook die zich verzetten en dan was het Spaanse leger genadeloos.

Dat gebeurde bijvoorbeeld in Zutphen, dat was veroverd door de opstandelingen. De geuzen hadden nogal huisgehouden in kerkelijke gebouwen en er waren priesters vermoord. Als vergelding sloeg het Spaanse leger in november 1572 een beleg om Zutphen. Uiteindelijk slaagden de Spanjaarden erin over de bevroren IJssel de stad binnen te komen, waar zij waar bloedbad aanrichtten. Meer dan vijfhonderd mensen werden verdronken in wakken in de rivier, anderen werd naakt de vrieskou in gedreven. Ook andere Hollandse steden, zoals Naarden en Oudewater, ondergingen een dergelijk gruwelijk lot.

Vorige Volgende

Honger

Gevecht tussen Hollandse en Spaanse schepen op het Haarlemmermeer, 26 mei 1573. Hendrik Cornelisz. Vroom, 1629

Was een stad niet snel in te nemen, dan was belegering en uithongering de volgende tactiek. Dit overkwam de stad Haarlem, die in de winter van 1572-1573 werd belegerd. Omdat Haarlem drieduizend soldaten binnen zijn muren had, konden de aanvallen van het Spaanse leger telkens worden afgeslagen.

Over het Haarlemmermeer vond de voedselbevoorrading van de stad plaats. Toen in mei 1573 de Spaanse vloot een zeeslag op het Haarlemmermeer won, werd de stad hermetisch afgesloten en de bevoorrading afgesneden. Zeven maanden duurde de omsingeling van de Spanjaarden. Toen waren in juli de schaarste en honger zó groot dat de inwoners van Haarlem wel moesten capituleren. Meer dan tweeduizend soldaten en verdedigers werden, vaak op gruwelijke wijze, geëxecuteerd.

Vorige Volgende

Victorie!

Kan met voorstellingen van het ontzet van Leiden, de belegering van Alkmaar en de slag op de Zuiderzee. Adam van Vianen I, 1614

De uitdeling van haring en wittebrood na de opheffing van het beleg van Leiden, 3 oktober 1574. Otto van Veen, ca. 1575-1600

Na een reeks succesvolle belegeringen door de Spaanse troepen betekende het beleg van Alkmaar de eerste nederlaag voor de Spanjaarden. De stad werd op 21 augustus 1573 omsingeld. De inwoners en de in de stad aanwezige geuzen, strijders voor de protestantse zaak, wisten de aanvallen keer op keer te weerstaan. De opstandelingen konden dus ook winnen! ‘Bij Alkmaar begint de victorie’ is spreekwoordelijk geworden.
Na het mislukken van het beleg van Alkmaar sloeg het Spaanse leger haar tenten op rond de stad Leiden. Gedurende het beleg, dat een jaar duurde, stierf ongeveer een derde van de bevolking van 18.000 inwoners aan de honger en de pest. Uiteindelijk werden de Spanjaarden verdreven nadat een deel van het omringende land door de troepen van Willem van Oranje onder water was gezet. Na het verjagen van de belegeraars op 3 oktober 1574 brachten de geuzen haring en wit brood naar de uitgehongerde stad. Dit ontzet wordt nog steeds jaarlijks in Leiden feestelijk gevierd.

Vorige

Vrouwen in de strijd

Portret van Kenau Simonsdr. Hasselaer. Nederland, ca. 1575-1600

De Spanjaarden verbaasden zich over het feit dat er vrouwen in de Nederlanden waren die boeken lazen en op die manier ketterse ideeën konden opdoen. Ze zullen evenzeer verbaasd zijn geweest om tijdens hun belegering van Haarlem en Alkmaar vrouwen al strijdend naast de mannen te vinden. Legendarisch was de Haarlemse Kenau Simonsdochter Hasselaer, weduwe van een scheepsbouwer, die het bedrijf van haar man had voortgezet. Volgens sommigen zou ze aan het hoofd van een leger van driehonderd vrouwen met spies, degen en geweer haar mannetje hebben gestaan tijdens het beleg. Ook in Alkmaar vocht zo’n vrouw mee, die de ‘Alkmaarse Kenau’ wordt genoemd. Nog steeds bestaat er in het Nederlands de ‘kenau’: hiermee wordt een manwijf bedoeld of een vrouw met haar op de tanden.