16 januari 2014 - 15:33

Zeven nieuwe boeken geven nieuwe inzichten in Rembrandts etskunst.

Vandaag zijn zeven nieuwe delen verschenen in de Hollstein-reeks over het werk van de meest invloedrijke etser aller tijden, Rembrandt van Rijn. Rijksmuseum-conservator Erik Hinterding en Jaco Rutgers bekeken wereldwijd ruim 18.000 afdrukken van alle 315 etsen die de kunstenaar vervaardigde tussen 1625 en 1665. Tijdens hun onderzoek deden zij onverwachte ontdekkingen ten aanzien van de etstechnieken die Rembrandt gebruikte. Hierdoor hebben we nu een beter zicht op zijn prentkunst en wordt bijvoorbeeld duidelijk of een Rembrandt-ets ook werkelijk door hem zelf is afgedrukt of pas veel later. De zeven nieuwe delen wegen samen ongeveer 10 kilo en kosten € 330 per deel. In de Hollstein-reeks wordt de Nederlandse prentkunst van 1450 tot 1700 per kunstenaar nauwkeurig in kaart gebracht. Hieraan wordt sinds 1949 gewerkt en er zijn al 139 delen verschenen.

Presentatie Rembrandt Ontrafeld

De nieuwste zeven delen beschrijven en illustreren alle prenten van Rembrandt van Rijn (1606-1669). De laatste oeuvrecatalogus van Rembrandt-etsen dateert uit 1969. De nieuwe Hollstein-delen verdisconteren de resultaten van onderzoek naar Rembrandts prenten dat sinds die tijd is gedaan, maar presenteren ook een rijke oogst aan eigen vondsten. Die zijn deels het gevolg van het gebruik van de digitale fotografie. Digitale foto’s zijn tegenwoordig eenvoudig te maken en kunnen groot worden opgeblazen, wat gedetailleerde studie en vergelijking van verschillende afdrukken aanzienlijk heeft vereenvoudigd.

Nieuwe inzichten

De jonge Rembrandt versneed grote etsplaten waar hij niet tevreden over was om ze opnieuw te gebruiken. Daarvan kenden we één voorbeeld, maar het vermoeden bestond dat dit vaker voorkwam.

Rembrandt drukte gewoonlijk zelf zijn etsplaten af en gaf de afdrukken in eigen beheer uit. De nieuwe Hollstein-catalogus maakt voor de eerste keer een scherp onderscheid tussen afdrukken die Rembrandt zélf maakte, en exemplaren die pas na zijn dood met zijn koperplaten zijn gedrukt. Daarnaast werkte de kunstenaar zijn ontwerp op de koperplaat uit, en deed dat vaak in kleine stapjes, de zogenaamde ‘staten’. Het recente onderzoek geeft een nieuw inzicht in de opeenvolgende stadia van Rembrandts werkproces tijdens het voltooien van zijn prenten.

Ontmaskerd

Veel latere staten waarvan de druk aan Rembrandt zelf werd toegeschreven zijn nu ‘ontmaskerd’. Een deel van de ingrepen blijkt te zijn uitgevoerd met een zogeheten mezzotint wiegijzer, een soort plamuurmes waarmee de koperplaat wordt geruwd. Dat wiegijzer was tijdens Rembrandts leven onbekend en dus zijn alle afdrukken waar dat instrument is gebruikt van ná 1669, het jaar dat de meester stierf. Mede door dit nieuwe inzicht zijn de 18.000 Rembrandt-etsen in openbare collecties nu veel duidelijker te verdelen in afdrukken gemaakt tijdens Rembrandts leven en daarna.

Erik Hinterding & Jaco Rutgers, Rembrandt.The New Hollstein Dutch & Flemish Etchings, Engravings and Woodcuts, Sound & Vision Publishers in nauwe samenwerking met het Rijksmuseum Amsterdam, Ouderkerk aan den IJssel 2012/13. De boeken zijn te bestellen bij de uitgever Sound & Vision Publishers.